De ‘overbruggingsperiode’ is vaak een ‘hongerperiode’. Uitleg en oplossingen.

Caritas International België De ‘overbruggingsperiode’ is vaak een ‘hongerperiode’. Uitleg en oplossingen.
19/09/2018

In de ‘overbruggingsperiode’ moeten de Nigerese boeren hun veld bewerken. Vaak met honger.  Hoe komt dat? Wat is die ‘overbruggingsperiode’ en welke oplossingen zijn er? Interview met Abdoul Moumouni Illo, directeur van Caritas Maradi.

‘Overbruggingsperiode’: wat betekent dat?

Abdoul Moumouni Illo: De overbruggingsperiode valt net voor de nieuwe oogst, op het moment waarop het graan van de vorige oogst opgebruikt is. De opslagruimtes zijn leeg maar er moet toch op het veld gewerkt worden wil men kunnen oogsten. Er is dus schaarste en vaak ook een enorme stijging van de prijs van de gierst, een graan dat zowat iedere boer in Niger op zijn veld heeft staan. Bij ons valt de overbruggingsperiode in juni, juli, augustus en september. Maar we merken dat omwille van opeenvolgende droogteperiodes en grillige weersomstandigheden, de voorraden van de families sneller uitgeput geraken.

De mensen lijden dus honger in die periode?

A.M. : Inderdaad.

Hoe kunnen we dit oplossen?

A.M. : Wij werken op verschillende niveaus. Voor de gierst hebben we graanbanken opgericht. De families kunnen zich aansluiten door een bijdrage te leveren aan de basisvoorraad. De graanbanken zijn in drie delen opgesplitst. Eerst en vooral de ‘regulerende voorraad’. Hiermee kunnen 8 maanden van het jaar overbrugd worden. Deze voorraad is open vanaf januari en de mensen kunnen er indien nodig gierst kopen. Tweede deel: de strategische voorraad. Die is alleen toegankelijk tijdens de overbruggingsperiode en maakt het mogelijk de stijging van de gierstprijs te temperen. Die prijs – die door de leden van de bank bepaald wordt – mag nooit meer dan 80% van de marktprijs bedragen. Indien de gemeenschap van oordeel is dat de prijs nog te hoog is omdat de families niet kunnen betalen, dan kan die nog lager gaan. En tenslotte het derde deel: de garantiestock. Deze voorraad heeft een meer economische dimensie en geeft de gemeenschappen de mogelijkheid om aan anderen noden dan voedsel tegemoet te komen. Er worden ook bonen, en pindanoten gestockeerd en de gemeenschap beslist aan welke voorwaarden de voorraad verkocht wordt.

Welke voordelen zijn er verbonden aan het lidmaatschap van een graanbank?

A.M. : Eerst en vooral wil ik benadrukken dat er heel wat informatie- en sensibilisatiewerk over het nut van de graanbanken aan de oprichting van een graanbank voorafgaat. Daarna moet de basisvoorraad samengesteld worden. Die vormt het startkapitaal. De waarde en omvang hangen af van het aantal gezinnen dat zich wil aansluiten.

Caritas geeft 50 tot 60% van de voorraad om te starten. Om gemeenschappen verantwoordelijkheid te geven en uit respect moeten de leden voor 40% van de voorraad instaan. Als er 10 ton voorraad is, dan moeten ze dus voor 4 ton zorgen, met een minimumbijdrage van 12 kg (in een of verschillende keren aan te brengen naargelang het slagen of falen van hun oogst).

Het grote voordeel voor de mensen die deelnemen, is de prijs: ze stellen die zelf vast, met de gemeenschap. Daarna is er gierst in het dorp! Het is dus niet meer nodig om kilometers af te leggen naar de markt in de naburige steden of dorpen. Het is een enorm voordeel en laat de landbouwers toe om zich aan het werk op het veld te wijden.

Volstaat dit om de ondervoeding te stoppen?

A.M.: Het helpt om de families te versterken, ja. We werken aan de versterking van de voedselzekerheid op verschillende niveaus: educatie bijvoorbeeld, en de organisatie van inkomsten genererende activiteiten. Wat we ook doen, is gezondheidswerksters inschakelen, die we opleiden om vroegtijdige ondervoeding op te sporen, families te sensibiliseren over voeding (borstvoeding, hygiëne…), gezinsplanning… een aantal essentiële praktijken dus, die we promoten binnen de gemeenschap. Een andere praktijk is het bezoeken van gezondheidscentra. We moeten de vrouwen nog motiveren om ernaartoe te gaan en zo beter om te gaan met bepaalde levensfases zoals de zwangerschap of borstvoeding.

Preventie van ondervoeding is echt geïntegreerd in onze globale voedselzekerheidsprojecten. Het doel is om de gemeenschappen te helpen om voedsel ter beschikking te hebben en dat goed te gebruiken. Onze gezondheidswerksters leggen bijvoorbeeld uit dat Plumpy’Nut bestaat uit voedingsstoffen die ook lokaal te vinden zijn. We leiden de families op zodat ze dit weten. En we leren hen koken in functie van de leeftijd van de kinderen. Bonen, pinda’s, zout… het is allemaal bij ons beschikbaar en de families kunnen het zelf koken en zo hun kinderen sterker maken.

Wat zijn de uitdagingen voor Niger?

A.M.: De uitdagingen vandaag hebben met het klimaat te maken. 80% van de Nigerezen leeft van landbouw en veeteelt. Ze zijn afhankelijk van de weersomstandigheden. Het BBP van het land fluctueert ook afhankelijk van het oogstjaar. We moeten de bevolking dus helpen om in deze leefomgeving te leven en deze uitdagingen aan te gaan. De droogte, de oprukkende woestijn…: de mensen moeten zich hiertegen kunnen wapenen wanneer er crisissen plaatsvinden. Dit is een werk van risicobeperking bij rampen.

Een andere uitdaging is het leeglopen van de dorpen. Dit is een overlevingsstrategie. Telkens als de oogst onvoldoende is, trekken de werkkrachten weg om ergens anders te gaan werken en zo hun familie te helpen die in het dorp is gebleven. De impact hiervan is dubbel: enerzijds zitten de dorpen zonder arbeidskrachten en anderzijds wordt de grond niet goed bewerkt, waardoor de volgende oogsten minder goed zijn. Als er echter een actieve persoon in het dorp blijft, kunnen de families de moeilijke overbruggingsperiode beter doorstaan. Om deze mannen toekomstperspectief en een andere keuze dan het vertrek te geven, zetten we ook projecten op met moestuintjes en irrigatie. Deze projecten laten ook toe om de voeding te diversifiëren. Ik denk dat we nood hebben aan ontwikkelingsprojecten die rekening houden met al deze aspecten, en die werken op lange termijn. De noden zijn enorm. We kunnen niet gewoon niets doen!

DRINGENDE OPROEP: help de slachtoffers van de honger

Getroffen door een extreme droogte, lijdt Niger aan een voedseltekort dat op dit moment dramatische proporties aanneemt. De nood is groot in de Sahel! De voedselvoorraden zijn uitgeput. Het vee sterft. Iedereen vreest de terugkeer van de grote hongersnood.  Toch is er hoop. Dankzij uw gift van pindanoten, kan een mama onmiddellijk voedzame pindapasta en arachideolie maken. Genoeg om haar kinderen de komende maand(en) eten te geven en een bron van inkomen te hebben voor haar gezin. Zo brengt úw gift leven en een betere toekomst.  Doe uw gift vandaag nog.

Verwant nieuws

Alle nieuwsberichten