Het verhaal van Aïcha en Tijani

Caritas International België Het verhaal van Aïcha en Tijani

© Isabel Corthier

© Isabel Corthier

21/08/2018

"Ik durf niet te huilen."

Het dorpje Roumbouki in Niger is al jarenlang de thuis van Tijani en Aïcha. Beiden zijn ze 45 jaar, toegewijde ouders en grootouders. Maar tot voor kort waren er in Roumbouki tussen mei en september amper jongeren of mannen te vinden. Waarom?

Het dorpje Roumbouki in Niger is al jarenlang de thuis van Tijani en Aïcha. Beiden zijn ze 45 jaar, toegewijde ouders en grootouders. Maar tot voor kort waren er in Roumbouki tussen mei en september amper jongeren of mannen te vinden. Waarom?

“Onze voorraadschuur is leeg”, legt Aïcha uit. “We hebben veel monden te voeden, maar kunnen de oogst niet bewaren. De kinderen hebben honger.” Zoals in veel dorpen in Niger, gaan de mannen van Roumbouki in het hongerseizoen naar het buitenland om er te werken: een mond minder, een paar CFA-frank meer.

Dit jaar ben ik niet van plan te vertrekken. Ik blijf thuis, dicht bij mijn vrouw. Ik laat haar niet meer achter!”

- Tijani

Waterput en moestuintjes

“Normaalgezien trek ik ook weg om geld te kunnen opsturen”, zegt Tijani. “Ik werk dan in Nigeria. Maar dit jaar ben ik niet van plan te vertrekken. Ik blijf thuis, dicht bij mijn vrouw. Ik laat haar niet meer achter!”

In Roumbouki werd een waterput gebouwd en moestuintjes aangelegd. Meer en meer mannen keren uit het buitenland terug. Of ze beslissen om niet te vertrekken, zoals Tijani. “De waterput en moestuintjes hebben hiervoor de doorslag gegeven”, bevestigt hij.

“We hebben samen beslist dat hij dit jaar zal meehelpen op het veld en zo voedsel kan voorzien voor de hele familie”, vervolgt Aïcha, Tijani’s vrouw. “Want ook al hebben we nu een waterput, het kost nog altijd veel tijd om water te gaan halen. Soms staan er nog families aan te schuiven tot ’s avonds laat.”

Dagelijkse honger

“Overdag plukken de oudste kinderen blaadjes van de bomen. Ik kook ze en meng de gekookte blaadjes met maniokbloem, om hun magen toch een beetje te vullen. Iedere dag is onzeker.”

“Momenteel is het moeilijk om elke dag iets te eten. Ik ben zelf ook niet oké”, zucht Aïcha. “Ik ben veel te mager en voel me slap. Ik krop alles op. Ik durf niet te huilen omdat ik bang ben dat ik dan nog méér ga afvallen. Dus probeer ik maar te lachen.” Ze glimlacht, maar haar ogen staan vol pijn en verdriet.

“We leven van dag tot dag. Als de kinderen ’s avonds honger hebben, kunnen we hen niets geven. We kunnen alleen maar proberen om hen terug te laten slapen… Ik geef hen wat water en streel hen zodat ze rustiger worden en in slaap vallen.”

Wat kunt u doen?

Zorgt u er mee voor dat de mama’s in Niger niet langer blaadjes moet koken? Schenk een zak pindanoten aan families zoals die van Tijani en Aïcha. Met uw gift zet u een proces in gang dat blijft lopen. Eenmaal een moeder pindanoten gekregen heeft, kan ze haar kinderen eten geven en starten met de productie van arachideolie en pindapasta voor verkoop de markt. Families blijven bij elkaar. U schenkt ze een toekomst in hun eigen dorp.

Meer verhalen

Alle verhalen