Solidariteit voor Syrische vluchtelingen in de lokale gemeenschappen

Caritas International België Solidariteit voor Syrische vluchtelingen in de lokale gemeenschappen

© Caritas - Ria, Lucienne en pastor Gino

© Caritas - Ria, Lucienne en pastor Gino

28/08/2018

Solidariteit met mensen op de vlucht. Het zit in de kleine of vaak ook heel grote gebaren van mensen die hun deur en hun hart openen voor anderen. In de initiatieven die worden opgezet door gemeenschappen over het hele land, hun engagement om mensen op te vangen en te verwelkomen. “De groep waarop we kunnen rekenen is groter dan we soms denken.”

“Zonder de hulp van de hele gemeenschap zou het moeilijk vol te houden zijn, maar iedereen helpt”, zegt Ria Van Alboom. Zij is een van de drijvende krachten achter het onthaal van een vluchtelingenfamilie in Evere. “Als ik een vraag heb, kan ik heel veel mensen bellen en mailen.”

Gemeenschapssponsoring

De onthaalgroep van Ria is een van de velen in België die zich garant stelt voor de opvang van vluchtelingen, zowel op financieel, materieel als sociaal vlak. De overheid verschaft enkel nog het visum, en zo de legale toegang tot het grondgebied.

Dit model heet “sponsoring door een gemeenschap” en werd in november 2017 voor het eerst in ons land op grote schaal ingevoerd. De gemeenschap Sant’ Egidio[1] en alle erkende erediensten in België tekenden een akkoord met de overheid om 150 Syrische vluchtelingen vanuit Libanon en Turkije te laten overkomen. 72 van hen kwamen al aan. Een volgende groep uit Turkije wordt midden september verwacht.

De familie Pashayan

Onder deze 72 reeds aangekomen personen is ook de familie Pashayan. Robin, Khloud en hun dochter Morya wonen sinds 26 maart 2018 in Evere. Hun aankomst was een opluchting, maar ook een stap in het onbekende. Het begin van een nieuw parcours, met nieuwe hindernissen.

“In het begin was ik bang. Ik vreesde dat we niet in deze gemeenschap zouden passen”, herinnert Khloud zich. Robin beaamt: “Je bent een vreemde. Je kent niemand. Wij zijn gelukkig bij de juiste mensen terechtgekomen. We houden van België, dankzij hen. Zij tonen ons de positieve kant.”

Een wervend project

De 150 Syriërs worden opgevangen door de verschillende geloofsgemeenschappen in ons land, waaronder de katholieke kerk, die 100 mensen opneemt. “Dat is niet zo simpel als het lijkt”, verzekert Paul Van Bets van het Aartsbisdom Mechelen – Brussel.

In het bisdom staat Paul in voor het mobiliseren van onthaalgroepen en ondersteunt hij hen in de moeilijke zoektocht naar huisvesting. “Het loopt niet altijd gemakkelijk, maar ik ben ook al echt van mijn sokken geblazen door het enthousiasme in bepaalde gemeenschappen. Mensen zetten hier graag hun schouders onder. Het werkt heel wervend, over de grenzen van levensbeschouwingen heen.”

Grote onderlinge verschillen

Wanneer een onthaalgroep een woning heeft gevonden, bekijkt Caritas of deze conform is en gaan we na welke vluchtelingen erin kunnen komen wonen. Elke onthaalgroep krijgt ook een vorming waarin alle praktische aspecten aan bod komen.

“De situatie is echt overal anders”, zegt Aaron Ooms, medewerker integratie bij Caritas. “Net dat is ook de sterkte van dit verhaal. We nemen best practices van bepaalde groepen mee in de vorming van de volgende groepen.”

Opvang door de parochies

Met zijn motorhelm nog in de hand, komt Gino Mattheeuws aan bij de pastorale eenheid Sint-Franciscus. Hij is pastor in de parochie die de familie Pashayan opvangt. “Toen de vraag vanuit het bisdom kwam, was er wel wat schroom. Het is zeker niet evident. We hadden een budget nodig, moesten op zoek naar een woning…”, legt hij uit. “In de advent hebben we de knoop doorgehakt.”

“Mensen waren wel snel bereid om geld te geven, maar tijd geven ging moeilijker”, vervolgt pastor Gino. “We hadden geluk dat er een woning vrijkwam in de pastorie en dat we Ria hebben gevonden om alles in goede banen te leiden.”

Ria Van Alboom trekt een werkgroepje van een vijftal mensen dat om de 6 weken vergadert. Onder hen is ook Rafiq, een Syriër die al een vijftal jaar in Evere woont. Hij spreekt intussen goed Nederlands en tolkt ook voor de familie Pashayan.

“We vragen de onthaalgroepen om hier ter plaatse een tolk te voorzien, zeker in het begin, om de communicatie vlotter te laten verlopen”, legt Aaron Ooms uit. “We raden ook aan om de taal te leren, samen met vrijwilligers bijvoorbeeld. We merken dat dit goed is voor de integratie en het welbevinden van de vluchtelingen zelf.”

Een nieuwe taal

Lucienne Thijs, Luce of Luc voor de vrienden, stond jarenlang voor de klas. In het eerste leerjaar nam ze haar leerlingen mee in een nieuwe wereld van letters en woorden. Nu ze op pensioen is, zet ze samen met de familie Pashayan de eerste stappen in de Nederlandse taal. En in Evere: “We gaan naar de winkel of naar de markt en praten daar dan Nederlands. Eén keer per week spreken we af.”

Luce bewijst dat een taalbarrière niet onoverkomelijk is. “Mijn kinderen lachten vroeger met mijn Engels. Ik spreek slechts een paar woordjes. Met Robin, Khloud en Morya probeer ik in het Nederlands te communiceren. En ik heb een Engels woordenboek voor als we elkaar echt niet kunnen verstaan. Ik ben van plan dit te blijven doen, zolang ik het nog kan.”

Familiebanden

In september begint het nieuwe schooljaar, voor Morya, maar ook voor haar ouders: “dan volgen we een inburgeringscursus en lessen Nederlands voor anderstaligen. Vorige week kregen we ook onze verblijfsvergunning. Ons leven begint zich te organiseren.”

“Ria heeft hierin een belangrijke rol gespeeld”, legt Robin uit. “Ze ziet ons meer dan haar eigen familie en vrienden, en onze band is ook zoals familie geworden. Het is niet gemakkelijk om de verantwoordelijkheid voor een andere familie op je te nemen. Maar zij heeft dat met plezier gedaan.”

Hulplijn

“Het is de beste manier om mijn tijd te besteden tijdens mijn pensioen,” zegt Ria. “Als ik mensen kan helpen, doe ik dat graag. Maar de administratie maakt het niet altijd gemakkelijk. Caritas heeft de procedures en de verschillende stappen uitgelegd, maar daarna heb ik toch nog een paar keer hun hulplijn moeten bellen. Als je dit allemaal voor de eerste keer moet doen, maak je soms domme fouten.”

“Om ons te bedanken, heeft de familie ons eens uitgenodigd voor een etentje”, vertelt Luce. “Ze hebben daar een hele week aan voorbereid”, vult Ria aan. ”Hun komst is ook een verrijking voor de gemeenschap. Het brengt een andere dynamiek op gang. En wij leren bij over zaken die vroeger ver van ons bed leken.”


De bisschoppenconferentie mandateerde Caritas om dit project te ondersteunen in de tweede lijn. Dit wil zeggen dat onthaalgroepen zoals die van Ria, Lucienne en pastor Gino het eerste aanspreekpunt zijn voor de vluchtelingen. De onthaalgroepen kunnen rekenen op Caritas voor vormingen en antwoorden op hun praktische vragen. We bezoeken ook alle woningen en staan in voor de monitoring en sociale opvolging. Daarnaast kunnen de vluchtelingen ervaringen uitwisselen over het leven in België in collectieve ateliers die door Caritas gefaciliteerd worden.

Voetnoot :

[1]

Meer info over de geemnschap van San’t Egidio: www.santegidio.be

Verwant nieuws

Alle nieuwsberichten